Fiscaal hervormingsplan

Margaux Frère   |  

<< Terug naar B-CONNECTED

Begin maart publiceerde Minister van Financiën Vincent van Peteghem zijn voorstel tot een fiscaal hervormingsplan, dat voortbouwt op het voorgaande werk van de Blauwdruk voor een bredere fiscale hervorming. Dit voorstel, bestaande uit een 20-tal maatregelen, kan beschouwd worden als de eerste fase van de bredere fiscale hervorming, zou ingaan vanaf 1 januari 2024 en zou goed zijn voor een lastenverlaging van bijna 6 miljard euro. Met deze hervorming beoogt men het dalen van de lasten op de arbeid, het stijgen van de belastingen op vermogen, het vrijwaren van de concurrentiekracht van bedrijven en het bekomen van een groenere-gezondere-eenvoudigere fiscaliteit. Wij vatten deze 20-tal maatregelen graag voor u samen.

Werk

Belastingvrije som – Werken moet voor iedereen meer lonen en het onderscheid met niet-werken moet groter worden. Daarom wordt de belastingvrije som, het deel van het inkomen waarop geen belastingen worden betaald, verhoogd van € 10.160 naar € 13.500.

Progressiviteit – Ook de belastingdruk wordt stevig verminderd door de 45%-belastingschijf te verbreden. Deze schijf wordt opgetrokken van € 46.440 tot € 60.000. Op die manier zullen minder mensen in de hoogte belastingschijf van 50% terechtkomen en zal een bovengemiddeld inkomen voor een kleiner deel aan het hoogste tarief worden belast.

Werkbonus – Daarnaast wordt ook de werkbonus voor werknemers met een laag loon uitgebreid door een minder snelle uitfasering, aangezien het plots wegvallen van de werkbonus resulteert in te weinig extra nettoloon in geval van promotie of meer werken.

Optieplannen – Het bestaand systeem van de optieplannen wordt vereenvoudigd en beperkt tot de aandelen van de werkgever of van een  verbonden vennootschap, zodat werknemers meer betrokken kunnen worden bij het succes van de onderneming. Daarbij wordt een nieuwe fiscale regeling uitgewerkt om werknemers op een financieel gunstige manier te laten deelnemen in het eigen vermogen van hun werkgever door pas bij realisatie belastingen te heffen.

Voordelen alle aard – In de toekomst zullen een aantal voordelen die vandaag forfaitair worden gewaardeerd, belast worden op basis van de werkelijke waarde. Het gaat hierbij om de gratis terbeschikkingstelling aan bedrijfsleiders van een woning, verwarming, elektriciteit en huispersoneel. Het fiscaal stelsel van de voordelen alle aard gelinkt aan bedrijfswagens blijft ongewijzigd.

Pensioen – De huidige 80%-begrenzing van het tweedepijlerpensioen wordt opgeheven. Hierbij wordt evenwel niet geraakt aan de opbouwmogelijkheden. Het nieuw stelsel zal volledig gebaseerd zijn op de bruto jaarbezoldigingen van het jaar zelf. Tot een jaarbezoldiging aan het loonplafond (vandaag ongeveer 71.000 euro per jaar) kan maximaal 12% van het loon worden gestort. Voor het loon boven het plafond geldt een grens van 32% van het loon.

Personenbelasting

Huwelijksquotiënt – Het huwelijksquotiënt is een fiscale maatregel die de belastingdruk verlaagt door een gedeelte van het beroepsinkomen van de ene partner toe te rekenen aan de partner die over een klein/geen beroepsinkomen beschikt. Deze maatregel zal verdwijnen waardoor het fiscale onderscheid tussen alleenstaanden, samenwonenden en gehuwden wordt verkleind. Het stelsel van het huwelijksquotiënt wordt uitgedoofd over een periode van 20 jaar.

Ouderschap – Ook het fiscaal ouderschap wordt eerlijker en zal zorgen voor minder verdeeldheid. Zo zal het fiscaal stelsel van onderhoudsuitkeringen uitdoven over een periode van 20 jaar. Onderhoudsuitkeringen zullen niet meer belast worden bij de ontvanger en zullen niet meer kunnen worden ingebracht door de betaler. Op die manier verdwijnt het onderscheid tussen gescheiden en niet-gescheiden ouders. Daarnaast wordt de belastingvermindering voor kinderopvangkosten trapsgewijs verhoogd van € 15,70 naar € 24,70 per kind per dag. Ouders worden op die manier ondersteund in de combinatie van werk en gezin. Bijkomend worden de plafonds van alle verworven inkomsten van kinderen gelijkgeschakeld en verhoogd zodat zij langer ten laste kunnen blijven van hun ouders.

Belastingbrief – Een 100-tal van de federale codes in de belastingbrief worden geschrapt nu blijkt dat deze door minder dan 0,01% van de belastingplichtigen worden gebruikt.

Btw & Accijnzen

Digitalisering – Er wordt ingezet op digitale toepassingen zoals e-invoicing en e-reporting. Zij zullen leiden tot administratieve vereenvoudiging door het verdwijnen van de verplichte jaarlijkse klantenlisting.

Btw-harmonisering – De bestaande verlaagde btw-tarieven van 6% en 12% worden geharmoniseerd naar één nieuw tarief van 9%. Het normale tarief van 21% blijft behouden. Het 6%-tarief wordt behouden voor elektriciteit, aardgas, leidingwater en warmte voor huishoudelijk  gebruik. De btw wordt verlaagd naar 0% voor groenten en fruit, geneesmiddelen, luiers en andere producten voor intieme hygiënische bescherming en openbaar vervoer.

Afbraak en heropbouw – Om een grondige vervanging van oude woningen te stimuleren wordt het verlaagde btw-tarief voor de afbraak en heropbouw van de enige en eigen woning permanent.

Tabak – In het kader van het antitabaksbeleid worden de accijnzen op tabak en nieuwe tabaksproducten opnieuw verhoogd en worden ook nieuwe varianten en alternatieve tabaksproducten betrokken in het accijnsstelsel.

Fossiele brandstoffen – Het hervormingsplan sleutelt ook aan de bestaande subsidies voor fossiele brandstoffen door deze verder af te bouwen. Bovendien worden verschillende vrijstellingen hervormd, zoals die voor kerosine, zware stookolie en  gasolie. Indien kerosine en gasolie gebruikt worden voor specifieke doeleinden, zullen deze onderworpen worden aan een nieuw tarief.

Vermogen

Minimumbelasting multinationals – Een belangrijke en logische stap in de strijd tegen belastingontwijking en belastingparadijzen betreft het invoeren van een wereldwijde minimumbelasting voor multinationals.

DBI-aftrek – Ook de DBI-aftrek, de regeling die het dubbel belasten van winsten binnen de eigen groepsstructuur voorkomt, ontsnapt niet aan de hervorming. Deze bestaande aftrek wordt namelijk vervangen door een vrijstelling met striktere voorwaarden. Alle dividenden en meerwaarden verbonden aan aandelen die als “belegging” worden gehouden, zullen voortaan worden belast, waaronder dus ook de DBI-Bevek’s.

Taks op effectenrekeningen – In afwachting van de uitwerking van een evenredige belasting op vermogenswinsten, zal de bijdrage op de effectenrekeningen met een waarde boven € 1.000.000 verdubbelen voor particulieren en vennootschappen die beleggen.

Ondernemen

Investeringsaftrek – Het systeem van de investeringsaftrek wordt versterkt op drie manieren, zijnde (i) de creatie van een fors verhoogde investeringsaftrek voor duurzame investeringen, (ii) de invoering van een systeem van versnelde (dubbele) afschrijvingen bovenop de investeringsaftrek voor duurzame investeringen en (iii) de uitbreiding van het belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling naar duurzame investeringen.

Innovatieaftrek – Voor de aftrek van innovatie-inkomsten wordt de definitie van intellectuele eigendom verduidelijkt. Zo zal er voortaan een octrooivereiste zijn zodat deze aftrek enkel nog toegepast kan worden door ondernemingen die effectief innoveren. Dit houdt in dat grote bedrijven een Europees of internationaal patent moeten hebben om gebruik te maken van de innovatieaftrek. Kleine bedrijven zullen niet meer automatisch recht hebben op innovatie aftrek, ook al hebben ze een (Belgisch) patent gekregen. Alleen als het vooronderzoek inzake het patent geleid heeft tot een positieve opinie over de industriële toepasbaarheid én tot overwegend positieve opinies inzake de overige octrooivoorwaarden, zullen kleine bedrijven nog kunnen genieten van de belastingaftrek voor innovaties. Benadrukt dient te worden dat de softwaresector niet geviseerd wordt door deze hervormingsmaatregel.

Vrijstelling BV O&O – Er zal voor meer rechtszekerheid worden gezorgd door de bevoegdheidsverdeling tussen de verschillende overheidsdiensten duidelijker af te bakenen en de toepassingsmodaliteiten beter te omschrijven. Voor hogescholen en universiteiten worden duidelijke criteria bepaald die nodig zijn om als onderzoeker in aanmerking te komen voor het gebruik van de niet-doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Zo houden we de maatregel ook op lange termijn betaalbaar.

Dienst voorafgaande beslissingen – De rechtszekerheid van de voorafgaande beslissingen wordt verhoogd door de samenwerking tussen de Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) en de fiscale administraties te versterken en te verdiepen. De DVB zal samen met de Fiscale Bemiddelingsdienst in in een nieuw op te richten Algemene Administratie binnen de FOD Financiën terecht komen. Daarbij wordt de onafhankelijkheid van de verschillende diensten gevrijwaard.

Onze Bofidi-experten helpen je graag verder

Dit artikel werd geschreven door Margaux Frère en David Walckiers. Heb je nog specifieke vragen over dit onderwerp? Aarzel dan niet om Margaux of David te contacteren. Het team van Bofidi experten helpt je graag verder.


Vorige

«

Volgende

»